Soms lijkt het leven op zo’n rommelige schuur waar je al jaren niet meer in durft te kijken. Je weet dat er ergens achterin iets ligt wat je nodig hebt, nieuwe plannen, de moed om er eindelijk voor te gaan, maar de drempel is te hoog. Morgen ga je misschien kijken. Volgende week. Als het weer wat rustiger is. Als je meer geld hebt. Als je je zekerder voelt. Als er ooit een magisch moment komt waarop alles klopt, dan ga je het doen.

Ondertussen blijft alles zoals het is, want dat moment komt nooit.

We willen wel vooruit, maar we hebben er een vreemde gewoonte van gemaakt om onszelf op alle mogelijke manieren tegen te houden. We bedenken strategieën die zo subtiel zijn dat je niet eens door hebt dat het strategieën zijn. We gaan eindeloos onderzoeken, we gaan lijstjes maken, we gaan boeken bestellen die we vervolgens niet lezen, we gaan met vrienden praten die precies hetzelfde blijven zeggen als de vorige keer. We maken onszelf eindeloos druk met niks doen.

Uitstellen is een kunstvorm op zich. Het geeft je het gevoel dat je bezig bent, terwijl je niets verandert. Daaronder zit vaak iets simpels: weerstand. Die rationele zogenaamd intelligente variant die zich voordoet als gezond verstand:

“Doe nou maar niet, straks kost het je te veel tijd.”
“Wacht even, dit wordt vast ingewikkeld.”
“Wat zullen mensen ervan vinden?”
“Straks faal je.”
“Straks lukt het juist wél, en moet je ineens doorzetten.”

Het zijn gedachten die allemaal wijzen op hetzelfde: we kijken vooral naar wat verandering kost. Tijd, energie, geld, zekerheid, comfort. We staren ons blind op de risico’s, alsof het een excelsheet is met allemaal ‘rationele’ sommetjes die allemaal laten zien dat blijven waar je bent de beste optie is.

Alleen: dat is het nooit.

Want ondertussen blijft dat verlangen aan je shirt trekken. Wat bijna niemand zichzelf tragisch genoeg afvraagt, is wat diezelfde verandering kan opleveren. Wat het kost weten we allemaal, maar wat brengt het je? Wat gebeurt er met je relatie als je nu eens stopt met half communiceren en voluit eerlijk wordt? Wat gebeurt er met je werk als je eindelijk dat gesprek voert over die nieuwe richting? Wat gebeurt er met je lijf als je een gewoonte bouwt die meer is dan een goed voornemen? Wat gebeurt er met jou als je niet langer leeft in reactie op de angst, maar in overeenstemming met het verlangen dat al die tijd al wist waar het heen wilde?

Hoe zou je leven eruitzien als je niet langer wegrent voor de onzekerheid, maar juist dwars doorheen durft te bewegen? Moed is de bereidheid en bang te zijn en het toch te doen. Als je wacht tot je er klaar voor bent, wacht je de rest van je leven.

Deze hele column komt neer op één vraag. Een simpele vraag, maar als je ‘m werkelijk stelt dan voel je onmiddellijk de belachelijke hoeveelheid vrijheid die erin zit verstopt. Komt ‘ie:

Wat als ik het gewoon doe?