Boos zijn is fout. Toch?

Dat is hoe ik er tot een jaar geleden wel zo’n beetje over dacht. Het betekende niet dat ik geen boosheid voelde. Ik voelde juist geregeld boosheid, alleen vond ik dat vervelend. Ik wilde me graag liefdevoller voelen, want ik dacht: als ik me minder vaak boos of geïrriteerd zou zijn, zou ik me vast ook veel gelukkiger voelen. Een leuker mens zijn en ‘spiritueler’. Kortom, ik moest iets fixen bij mezelf om die liefdevolle staat te bereiken.

Ga maar even afkoelen!

Daar sta je dan, in je eentje op de gang; ‘even afkoelen’, was wat mijn moeder zei als ik als peuter een woedeaanval had. Van jongs af aan krijgen velen van ons mee dat je boosheid uiten ‘fout’ is. Stoer, schattig en lief zijn is goed. Dan krijg je een aai over je bol, een knuffel of liefdevolle blik. Ben je boos, dan sta je zo op de gang. De boodschap die we daar als kind uit kunnen halen: lief zijn is goed en verdient liefde, boosheid is niet goed en zorgt voor afstand. Of erger: verlating.

Lief zijn is – niet – goed

Het effect hiervan wanneer we volwassen zijn, is dat de meesten van ons vaak onze boosheid niet uiten als we geraakt worden. Of als iemand over onze grenzen gaat. De kans bestaat namelijk dat je uit de gratie valt bij je baas. Dat je partner schrikt van opeens zo’n fel persoon. Natuurlijk is het pleidooi niet om zomaar iemand aan te vallen, maar boosheid die niet erkend wordt, gaat gemakkelijk ondergronds. Het kan zorgen voor oververmoeidheid en depressies. Of het komt er een keer in een onbeheersbare woede uit, of je wordt manipulatief, omdat je nog een rekening te vereffenen hebt.

Voordelen van je boosheid inhouden

Je boosheid niet uiten heeft ook een aantal voordelen. Het is veiliger, want je laat niet zien dat je geraakt bent en bent dus minder kwetsbaar. Je hoeft niet te dealen met de afkeuring, het conflict, of zelfs de verlating die je boosheid wellicht veroorzaakt. En tot slot hoef je geen verantwoording te nemen voor je eigen gevoelens van angst en onzekerheid die vaak onder de boosheid zitten; die ander zit tenslotte fout! ☺ Het nadeel hiervan is dat je jezelf weghoudt van de kracht die verborgen zit in deze menselijke emotie.

Boos zijn als informatiebron

Je boosheid bevat namelijk informatie. Informatie over waar jij naar verlangt, waar je behoefte aan hebt. Van de ander, maar vaker nog, van jezelf. Hoe je deze behoefte kan gaan voelen? Door jezelf in de eerste plaats niet af te wijzen als je ergens boos om bent. Dat is namelijk nog pijnlijker dan als een ander dat doet, en ik kan het weten. Je bent geraakt, dus ga zorgen voor je eigen boosheid. Dit doe je door haar ruimte te geven in jezelf.

Geef boosheid de ruimte

Ruimte geef je door je boosheid te voelen via je sensaties in je lichaam. Want als we eenmaal die boosheid mogen voelen, zonder het te veroordelen, voelen we het verdriet of de angst die er vaak onder ligt. Boosheid is een manier om ons te beschermen tegen deze twee emoties. Mindfulness en zelfcompassie heeft mij geholpen om mijn emoties meer ruimte te geven.

Laat je energie stromen

Boosheid is een emotie, net als bijvoorbeeld plezier, verdriet, verbazing, verwondering. Het is slechts een overtuiging dat je geen goed mens zou zijn als je af en toe boos bent. Als jij van jezelf af en toe boos mag zijn en zelfs je boosheid mag uiten, werkt dat bevrijdend. Het zorgt dat je energie blijft stromen en dat jij je krachtige zelf mag gaan zijn. Met al je kleur. Donker én licht. En het leuke is: hiermee geef je anderen permissie om ook hun krachtige zelf te zijn.
 
Sinds ik mijn boosheid meer omarm en ook vaker uit, voel ik me krachtiger, heb ik meer zelfvertrouwen en juist leukere (werk)relaties. Hoe dit kan lees je in mijn volgende 2 blogs: Boosheid uiten op de werkvloer; het recept voor beter samenwerken en meer waardering en Boosheid uiten in relaties: een daad van zelfliefde.
 
Mag jij af en toe ‘onredelijk’ zijn van jezelf? Of veroordeel jij jezelf als je boos bent? Waar ben jij bang voor als je je boosheid echt gaat voelen? Deel het in de comments.